Select Page

De eeuw van China?

Veel waarnemers in het Westen denken dat de opkomst van China onvermijdelijk is. In werkelijkheid staat het land er verre van goed voor, zo laat historicus Frank Dikötter zien in zijn boek China na Mao. >>>

Poetin, de keus van Rusland

Bijna niemand kan het tragische lot van Rusland beter omschrijven dan Svetlana Alexijevitsj, de laureaat van de Nobelprijs voor Literatuur van 2015. In haar dankrede tijdens de uitreiking van die prijs zei ze daarover: ‘Ik neem de vrijheid om te zeggen dat we de kans hebben gemist die we in de jaren negentig hadden. De vraag werd toen gesteld wat voor een land we zouden moeten zijn. Een sterk land zijn of een waardig land waar mensen op een fatsoenlijke manier kunnen leven? We hebben toen voor het eerste gekozen … een sterk land. En zie, opnieuw leven we in een tijdperk van macht. Russen vechten tegen Oekraïeners, hun broers‘. >>>

Eichkamp

Kleine statusverschillen zijn volgens Krüger essentieel om te begrijpen wat er in de jaren dertig gebeurde. Het was niet het negatieve van de Duitse geschiedenis wat in Eichkamp rumoerde schrijft hij. Men had alleen maar altijd de bange vrees gehad weer af te glijden, en nu was er iemand die ons als op vleugels steeds verder omhoog wilde voeren. Dat was het. Gewoon te mooi om waar te zijn. >>>

100 Jaar Proust

 Tot er, na een paar minuten en vele correcties later, slechts één korte zin overblijft: „Longtemps, je me suis couché de bonne heure”, de fameuze eerste zin van À la recherche du temps perdu, het zevendelige literaire meesterwerk van 3.000 pagina’s, geschreven tussen 1908 en 1922, en in delen gepubliceerd vanaf 1913 . „Er is een tijd geweest dat ik vroeg naar bed ging”, luidt die zin in de vertaling van Martin de Haan en Rokus Hofstede uit 2015. >>>

Nootmuskaat

In Europa begon de mechanistische visie op de wereld in de zeventiende eeuw vorm te krijgen, onder de druk van elites. Dat dit gebeurde tegen de achtergrond van de Europese verovering van de Amerika’s was geen toeval. Na de onderwerping van dat continent begonnen ontwikkelde Europeanen uit de hogere klasse zichzelf te beschouwen als de onderdrukkers van alles waar zij toezicht op hielden, zelfs in hun eigen land, en vooral binnen dat domein dat zij beschouwden als ‘de natuur’, een inerte opslagplaats van hulpbronnen die, om ‘verbeterd’ te worden, moest worden onteigend, of het nu ging om inheemse Amerikanen of om Europese boeren. >>>