Nederland en de slavernij

Dit is een artikel over het Nederlandse slavernijverleden waarin de termen racist, activist, oude witte man, subsidieslurper, goedprater en cultuurmarxist niet voorkomen, behalve dan in deze eerste zin. De maatschappelijke discussie over de Nederlandse betrokkenheid bij de trans-Atlantische slavernij is de afgelopen jaren op hoge toon gevoerd, waarbij verdachtmakingen over oneervolle motieven en persoonlijke beledigingen niet ontbraken.

Aan de discussie namen volop wetenschappers deel, maar door al het verbale vuurwerk raakte de inhoud nogal eens op de achtergrond: wat weten we nu eigenlijk over het slavernijverleden van Nederland? Waarover zijn historici het eens en waarover vindt wetenschappelijk debat plaats?

Een rondgang langs Nederlandse slavernijdeskundigen leert dat veel meningsverschillen voortkomen uit de manier waarop bronnen worden geïnterpreteerd. Dit is niet gek, het raakt de kern van de wetenschappelijke geschiedschrijving: wanneer mag je op basis van onderzoek zeggen dat jouw lezing van het verleden de juiste is, en wanneer ga je te ver omdat je het bronmateriaal oprekt en aan cherry picking doet?

Over de cijfers bestaat in ieder geval consensus, zegt Gert Oostindie. Er zijn ongeveer 12,5 miljoen Afrikanen in slavernij weggevoerd, van wie er 600.000 door Nederlanders zijn verscheept. Ik denk dat er minder overeenstemming bestaat over het antwoord op de vraag wat nu de economische betekenis van de slavernij was en of die economische betekenis überhaupt belangrijk is.”

Over de rol die racisme speelde bij het tot slaaf maken en houden van Afrikanen zijn historici het ook wel eens. „Dat racisme is in de loop van de zestiende en zeventiende eeuw gegroeid en in de achttiende eeuw werd het dé rechtvaardiging voor de slavernij”, vat Piet Emmer, emeritus hoogleraar van de Europese expansie in Leiden, de consensus samen. Link

Scroll to Top