De uitholling van de overheid

Er is een paradigmawisseling nodig van een overheid als bedrijf ten dienste van de economische welvaart via de private sector naar een overheid ten dienste van de democratische rechtsorde. Met de democratische rechtsorde bedoel ik de grondregels voor de wijze waarop de overheid met haar burgers en burgers met elkaar omgaan. Die grondregels zijn gebaseerd op fundamentele beginselen en waarden die in de loop van decennia, zo niet eeuwen, tot gemeenschappelijke waarden zijn geworden: tolerantie, goede trouw, rechtvaardigheid, redelijkheid, grondrechten. Daaraan wordt alle doen en laten van de overheid geijkt en het gedrag van burgers, individueel en collectief, getoetst.

Die grondregels geven het overheidshandelen betekenis, ‘constitueren’ de overheid, steeds opnieuw. De overheid is immers niet een vaste organisatie maar een complex stelsel van wisselende verhoudingen en verbindingen, van strijd en macht. Die wisselende verhoudingen en verbindingen, die strijd en macht, worden ‘in toom gehouden’ door de grondregels en de instituties die die grondregels bewaken. Dat is wat managers in overheidsdienst – en in hun kielzog veel bestuurders en ook politici – meestal niet willen en kunnen inzien. Voor hen is de overheid toch vooral de ambtelijke organisatie met dé politiek en dé burgers als randvoorwaarden, vaak obstakels. In bijna alle reorganisaties binnen de rijksdienst in de afgelopen vijftig jaar werden de verbindingen met politiek en samenleving verwaarloosd. Geen van de reorganisaties leverde dan ook blijvende verbeteringen op. Het zou interessant zijn om eens te becijferen wat dat heeft gekost. Link

Scroll to Top